https://www.youtube.com/watch?v=aLpu764Fkpk&list=RDaLpu764Fkpk&start_radio=1
Mooie foto’s. Je kristallen laten precies zien wat er gebeurt als zonlicht door een materiaal gaat. Je ziet inderdaad vooral wit licht en soms kleine regenboogkleuren.
De kern is verrassend eenvoudig:
Wit zonlicht is eigenlijk al een mengsel van alle zichtbare kleuren. Rood, oranje, geel, groen, blauw, indigo en violet reizen samen als één bundel. Ons oog ervaart dat als wit.
Wanneer het zonlicht door jouw geslepen glazen kristallen gaat, gebeuren er twee dingen:
- Breking – het licht verandert van richting wanneer het van lucht naar glas gaat.
- Dispersie – elke kleur wordt nét iets anders afgebogen. Rood buigt het minst af, violet het meest.
Daardoor waaieren de kleuren uit elkaar, net zoals bij een regenboog na een regenbui.
Op jouw foto’s zie je vooral wit, omdat:
- de zon niet altijd precies goed staat;
- de kristallen moeten precies de juiste hoek hebben;
- de regenboogkleuren vaak maar een paar millimeter groot zijn;
- een groot deel van het licht gewoon weer als wit licht naar je ogen terugkomt.
Je vraagt ook waarom je geen zwart of grijs ziet.
Dat komt doordat:
- zwart is geen kleur van licht; zwart betekent dat er vrijwel geen zichtbaar licht je oog bereikt;
- grijs ontstaat wanneer er minder wit licht is, of wanneer veel kleuren zwakker maar nog steeds gemengd aankomen. Een zonnestraal die door een helder kristal gaat, blijft meestal helder wit of wordt opgesplitst in kleuren.
Eigenlijk zijn er drie manieren waarop kleuren ontstaan:
- Lichtbronnen (zon, lampen, sterren) zenden verschillende golflengten uit.
- Materialen absorberen sommige kleuren en weerkaatsen andere. Een blad lijkt groen omdat het vooral groen licht terugkaatst en rood en blauw grotendeels absorbeert.
- Breking en dispersie, zoals bij jouw kristallen, waarbij de kleuren die al in het witte licht zitten van elkaar worden gescheiden.
Een mooi detail: de verschillende kleuren zijn eigenlijk elektromagnetische golven met verschillende golflengten:
- violet: ongeveer 400 nanometer;
- rood: ongeveer 700 nanometer.
Het verschil is dus maar 0,0003 millimeter, en toch ervaart ons brein dat als totaal verschillende kleuren.
Jouw kristallen werken daarom eigenlijk als kleine prisma’s: ze maken geen kleuren, maar onthullen de kleuren die al in het zonlicht aanwezig zijn. Dat is een van de mooiste natuurkundige verschijnselen die je gewoon aan een raam kunt zien.



















Geen opmerkingen:
Een reactie posten